Eibergse schrijvers
Wilhelmus Sluyter werd in 1627 te Neede geboren, volgde de Latijnse school in Borculo, het Illustre Athenaeum te Deventer en de Utrechtse Academie en werd hij priester van de Mattheusparochie in Eibergen. Zijn benoeming dankte hij aan graaf Otto van Limburg Stirum, Heer van Borculo. In de Reformatie ging hij mee en werd predikant in de Oude Mattheus.
In 1672 vluchtte Sluyter naar Holland, omdat de Bisschop van Münster dreigde binnen te vallen en de ketterse predikant om te brengen vanwege zijn anti-Roomse puntdichten. Na een korte tijd als dominee in Rouveen stierf hij in 1673 te Zwolle.
De liefde voor zijn vrouw, het verdriet om haar vroegtijdige overlijden, zijn rotsvaste geloof en zijn geliefde Achterhoek waren de inspiratiebronnen voor Sluyter. Hij is vooral bekend geworden om zijn toegankelijke teksten in de volkstaal. Hij schreef tien bundels, die ook in verschillende combinaties verzamelde werken verschenen.
Willem Sluyter
Museum De Scheper is in het bezit van 110 bundels en van originele handschriften. Je treft zijn bundels in de hele wereld aan, want emigranten namen zijn werk mee om hun moedertaal niet te vergeten en herinneringen aan de Achterhoek levend te houden.
Werk van Willem Sluyter is onder andere ‘Buitenleven’, ‘Psalmen, Lofzangen en Geestelijke liederen’, ‘Lof der H. Maagd Maria’, ‘Eensaem Huis- en Winterleven’. ‘Eybergsche Sanglust’, ‘Vreugde en Liefdezangen aan de Gemeijnte J. Christi’ en ‘Lijkreden aan de gemeente J.C. te Eibergen’.